Wie op de pensioendatum moet kiezen tussen een vast pensioen aankopen of een variabel pensioen aankopen, krijgt vaak communicatie die is opgebouwd rond leeftijd: "vanaf 65 jaar" of "voor de 60-plusser". Het Proudies Jaaronderzoek 2026, uitgevoerd onder 740 deelnemers en getoetst bij ruim 10.000 mensen in een aanvullend community-onderzoek, laat zien dat die aanname niet klopt. Leeftijd verklaart gemiddeld maar 9 procentpunt verschil in gedrag tussen groepen. Het profiel van iemand — hoe die persoon deze levensfase invult — verklaart gemiddeld 47 procentpunt verschil. Voor wie communiceert over pensioenkeuzes, zoals de keuze voor een hogere uitkering bij aankoop van pensioen versus een stabielere, vaste uitkering, is dat een belangrijk gegeven: de doelgroep is geen leeftijdscohort, maar een verzameling van vier zeer verschillende mentaliteiten.
Vier profielen voor de afweging van vast en variabel pensioen aankopen
Uit een clusteranalyse op 479 variabelen onderscheidt het onderzoek vier profielen, die ieder anders aankijken tegen financiële zekerheid, risico en het loslaten van vaste patronen — allemaal relevant voor de afweging tussen vast en variabel pensioen aankopen.
Vooruitkijkers (26%) zien de derde levensfase als een periode vol mogelijkheden. Zij werken vaker nog door (42% werkt of staat op het punt te werken) en maken zich relatief weinig zorgen over geld en koopkracht (10%). Voor deze groep is een variabel pensioen — met kans op een hogere uitkering bij aankoop van pensioen, maar ook met meer onzekerheid — eerder een logische keuze dan voor andere profielen.
Gevestigden (34%), de grootste en meest tevreden groep, hebben hun leven al op orde en willen weinig veranderen. Zij maken zich van alle profielen de minste zorgen over gezondheid, eenzaamheid én geld. Toch is "weinig veranderen willen" niet hetzelfde als "risico willen nemen": deze groep is een aandachtspunt voor communicatie over variabel pensioen aankopen, omdat tevredenheid met de status quo niet automatisch betekent dat men openstaat voor een variabele uitkering.
Verbouwers (21%) richten hun leven juist opnieuw in en maken zich van alle groepen de meeste zorgen: over gezondheid (51%), mobiliteit (38%) en geld (23% — meer dan twee keer zoveel als Vooruitkijkers). Voor deze groep ligt een vast pensioen aankopen, met de zekerheid van een vaste uitkering, veel meer voor de hand. Het rapport noemt houvast expliciet als wat deze groep het meest helpt.
Nog open (18%) heeft deze levensfase nog niet ingevuld: op meerdere vragen antwoordt een op de vijf "weet ik nog niet". Deze groep woont vaker alleen (45%) en is vaker langer dan vijf jaar geleden gestopt met werken (46%). Voor pensioenuitvoerders en werkgevers is dit de groep die het meest gebaat is bij persoonlijke uitleg vóórdat een keuze tussen vast en variabel pensioen wordt aangeboden.
De "anticipatiekloof": mensen onderschatten vooraf wat pensioen betekent
Een belangrijke bevinding voor iedereen die communiceert over pensioenkeuzes is wat het rapport de anticipatiekloof noemt. Het onderzoek vergeleek twee groepen van precies dezelfde leeftijd (65 tot 69 jaar): mensen die nog werken en mensen die net gestopt zijn. Van de mensen die nog werken, noemt slechts 37% "meer vrijheid" als kenmerk van deze fase; van de mensen die net gestopt zijn, is dat 73%. Ook op financieel vlak is het verschil groot: 9% van de werkenden zegt niets van de werkgever nodig te hebben rond pensionering, tegenover 28% van wie net gestopt is.
Dit patroon is direct relevant voor de vraag hoe je uitlegt wat een vast pensioen aankopen of een variabel pensioen aankopen concreet betekent. Mensen die nog werken, onderschatten systematisch wat er op hen afkomt — inclusief de impact van de keuze voor een hogere uitkering bij aankoop van pensioen bij een variabel pensioen tegenover een stabiele uitkering bij een vast pensioen. Communicatie die tijdig, vóór de pensioendatum, wordt aangeboden en die de gevolgen concreet maakt (in plaats van abstract), sluit beter aan bij wat mensen daadwerkelijk nodig hebben.
Wat mensen nodig hebben van hun werkgever rond pensionering
Het onderzoek vroeg ook rechtstreeks wat mensen van hun werkgever verwachten rond de overgang naar pensioen. Van de mensen die nog werken, wil 31% een persoonlijk gesprek over wensen en mogelijkheden en 26% de mogelijkheid om geleidelijk minder te gaan werken. Slechts 20% geeft aan behoefte te hebben aan duidelijke informatie over pensioen en inkomen — een cijfer dat na pensionering (bij de groep die net gestopt is) nauwelijks hoger ligt (22%). Dat is opvallend laag voor een onderwerp met zulke grote financiële gevolgen, en onderstreept dat de vraag naar informatie over vast en variabel pensioen aankopen vaak pas laat wordt gesteld, of onvoldoende actief wordt gezocht door de doelgroep zelf.
Checklist: zo vergelijkt u vast en variabel pensioen
- Hoeveel financiële zekerheid heeft u nodig bij pensionering?
- Hoe kijkt u aan tegen risico en schommelingen?
- Past uw profiel bij groei (variabel) of stabiliteit (vast)?
- Hoeveel houvast wilt u in uw maandelijkse uitkering?
- Bent u nog aan het werk of net gestopt (anticipatiekloof)?
Vergelijk uw pensioenprofiel
Ontdek binnen enkele minuten welk profiel het beste bij u past en welke pensioenoptie — vast of variabel — logisch aansluit op uw financiële houding en toekomstbeeld. Op
onze berekenpagina vergelijkt u eenvoudig vast en variabel pensioen van gerenommeerde verzekeraars en banken. U kunt zelf berekeningen maken, de aanbiedingen vergelijken en de gewenste offerte via de website opvragen. Vervolgens ontvangt u de aangevraagde offerte geheel vrijblijvend per e-mail. Verzekeraars bieden via onze website hun standaard tarieven aan. In veel gevallen kunnen wij een hogere uitkering aanbieden. Graag zoeken wij samen met u uit wat voor u de maximale uitkering is!
Over het Proudies JaaronderzoekHet Proudies Jaaronderzoek 2026 is de vierde meting in een reeks en is uitgevoerd onder 740 deelnemers op 479 variabelen, aangevuld met een community-onderzoek onder 10.183 respondenten. De steekproef is niet representatief voor heel Nederland (73% van de deelnemers rondde hbo of universiteit af), maar de onderlinge vergelijkingen tussen profielen binnen de steekproef zijn daar minder gevoelig voor dan de absolute niveaus. Bron: Proudies Jaaronderzoek 2026.